Waarom je ineens meer gaat eten of drinken door stress (en waarom dat logisch is)

Je dag was al druk. En toch sta je om 21:47 in de keuken.

Ken je dat moment waarop je eindelijk op de bank ploft… en je lichaam ineens doet alsof je net een marathon hebt gelopen én drie dagen niet hebt gegeten?

Je laptop is dicht, maar je hoofd staat nog open. Er ligt speelgoed op plekken waar speelgoed niet hoort te liggen (waarom ligt er een Lego-pop in de fruitschaal?), je telefoon trilt nog één keer met “kun je morgen vroeg even…”, en je denkt: ik wil gewoon iets. Iets warms. Iets crunchy. Iets… verdovends.

En voor je het weet sta je met een hand in een zak chips, of je schenkt jezelf dat ene “ontspan-glas” in. Niet omdat je geen discipline hebt. Maar omdat je brein op dat moment één ding wil: de spanning omlaag krijgen. Nu.

Dat is geen karakterfout. Dat is biologie. En ja: ook dit is te trainen

Stress maakt je niet zwak. Stress maakt je brein zuinig.

In mijn werk (en ook gewoon als mens met een druk hoofd) zie ik het steeds terug: onder stress verschuift je gedrag naar korte termijn. Je systeem gaat van “lange adem” naar “snelle oplossing”.

Dat past precies bij hoe stress werkt: stress is niet alleen een gevoel, maar een hele lichamelijke respons, gestuurd door je brein, je zenuwstelsel en je hormonen.

En als die stressrespons vaak aan staat, gaat je brein vanzelf zoeken naar snelle dempers: suiker, vet, zout, alcohol, scrollen, shoppen… alles dat even iets verandert aan je interne spanning.

Eten en drinken zijn alleen de populairste “knoppen”, omdat ze direct op je beloningssysteem drukken.

Mini-breinlesje: je stresssysteem zet de snacklamp aan

Stel je brein voor als een kantoorgebouw met een alarm. Als er dreiging is (deadline, conflict, geldstress, te weinig slaap, te veel prikkels), dan gaat dat alarm af. De amygdala slaat aan, je stress-as (HPA-as) komt op gang en er komt onder andere cortisol vrij.

En cortisol is niet “slecht”, het is brandstofmanagement. Het helpt je energie mobiliseren. Alleen… je lijf leest cortisol vaak als: er is schaarste of gevaar, dus we moeten zorgen dat we reserves hebben.

Daar komt het interessante stuk: stress hangt samen met veranderingen in honger- en verzadigingssignalen, zoals ghreline (honger hormoon waardoor je zin krijgt in meer eten) en leptine (minder “ik zit vol”-gevoel). In reviews wordt beschreven dat stress en cortisol samen kunnen bijdragen aan meer cravings en meer beloningsgericht eten. 

En dan is er nog je beloningssysteem: onder stress wordt “normaal eten” ineens een beetje meh, terwijl hyper-smakelijk eten (suiker/vet/zout) extra aantrekkelijk wordt. Dat heeft te maken met hoe stress en beloning elkaar beïnvloeden in je dopamine- en motivatiesystemen.

Kort gezegd: je brein gaat niet dom doen. Je brein gaat efficiënt doen.

Waarom het soms eten is… en soms drinken

Belangrijk nuance-moment: niet iedereen gaat méér eten onder stress. Sommige mensen eten juist minder. Maar bij veel drukke professionals zie ik vooral dit patroon: overdag “door, door, door”, en ’s avonds de inhaalhonger plus het verlangen naar rust.

Alcohol werkt daar extra sluw in mee, omdat het in het moment dempt: je voelt je sneller ontspannen, socialer, minder scherp. Alleen: als je alcohol gebruikt als coping, train je je brein onbewust dat stress = drank = opluchting. En dat is precies hoe ‘drinken om de spanning te dempen’ zich kan vastzetten. Studies met dagboekdata en langere termijn-analyses laten zien dat stress en copingmotieven samenhangen met meer alcoholgebruik en meer risico op problemen.

En dan krijg je de kater-bonus: slechter slapen, meer onrust, meer cortisol, meer behoefte aan snelle energie de volgende dag. Dat cirkeltje is gemeen, niet omdat jij zwak bent, maar omdat je systeem voorspelbaar is.

Je hoeft niet “sterker” te worden, je moet slimmer ontladen

Als jouw dagen structureel te vol zitten, dan is je snack- of wijnmoment niet het probleem. Het is het symptoom.

Je brein probeert de spanning te reguleren met de makkelijkste tool die voorhanden is. En eerlijk: eten en drinken zijn overal, snel en sociaal geaccepteerd. Het is een no-brainer.

De verandering zit dus niet in “stoppen met cravings”. De verandering zit in: eerder en beter ontladen, zodat je niet pas om 21:47 met je gezicht in de voorraadkast staat.

Drie kleine proeven die je vandaag al kunt doen (zonder streng gedoe)

Ik ga je geen heilige leefstijl beloven. Wel microstapjes die je systeem snapt.

Proef 1: maak van je craving een meetmoment (30 seconden)

De volgende keer dat je trek voelt, doe je één ding vóór je pakt: je legt één hand op je borst of buik en je vraagt jezelf zacht: Wat probeer ik nu eigenlijk te dempen?

Niet analyseren. Alleen benoemen. “Spanning.” “Overprikkeling.” “Eenzaam.” “Ik ben leeg.”

Dat simpele labelen haalt vaak al een beetje druk van de ketel, omdat je prefrontale cortex weer even mee mag doen in plaats van alleen de automatische piloot.

Proef 2: de “adem-bridge” vóór de eerste hap of slok

Niet om zen te zijn. Maar om je autonome systeem een seintje te geven: we zijn veilig genoeg om te herstellen. Langzamer ademen (rustig in, langer uit) ondersteunt die rem.

Dus: adem vier tellen in, zes tellen uit. Vier rondjes. En dán pas beslissen.
Je hoeft jezelf niks te verbieden. Je schuift alleen het moment van automatisch naar bewust.

Proef 3: bouw een ontlaad-ritueel dat sneller werkt dan chips

Dit is de gamechanger voor drukke mensen: je hebt iets nodig dat binnen vijf minuten effect geeft. Niet groots. Niet perfect. Wel consistent.

Kies iets dat je lijf duidelijk voelt. Bijvoorbeeld: warme douche, korte wandeling om het blok, voeten op de muur, even rekken, een kop thee zonder telefoon, of twee minuten “alleen maar staren uit het raam”. Je maakt er een vaste overgang van: werkmodus → herstelmodus.

En dan komt mijn favoriete reflectievraag: Wat heb ik eigenlijk nodig dat eten/drinken me nu probeert te geven?
Rust? Troost? Pauze? Grenzen? Een einde aan “moeten”?

Als je daar eerlijk op antwoordt, wordt je craving geen vijand meer, maar informatie.

Wanneer je wél extra voorzichtig moet zijn

Als je merkt dat eten of alcohol je primaire manier is geworden om stress te verdoven, of als je je er achteraf vaak schuldig of bang over voelt, trek dan alsjeblieft aan de bel bij je huisarts of een passende professional. Dat is geen overdrijving; dat is goed voor jezelf zorgen.

Van “avond-ontploffing” naar een dag die je brein wél kan dragen

In Zenfluence werk ik niet met schuldgevoel en strenge regels, maar met een systeem dat je zenuwstelsel begrijpt: stress omlaag, herstel omhoog, focus terug. Als jij merkt dat je steeds pas laat op de dag instort (met snacks, wijn, scrollen of alles tegelijk), dan is de kans groot dat je dagstructuur niet klopt bij je brein.

Daarom is er ons programma waarin we in 2 maanden van chaos naar een heldere, gefocuste werkdag gaan. Geen perfect leven. Wel een plan dat haalbaar is: minder “aan staan”, meer echte ontlading, en routines die je niet nóg een project maken.

Oké, maar wat doet dit met je lijf op de lange termijn?

Want hier wordt het pas echt interessant: als stress je eet- en drinkgedrag steeds duwt richting “snelle demping”, dan is dat niet alleen een moment-ding. Het stapelt zich op.

In het volgende artikel duiken we in stress en veroudering: hoe allostatic load (die sluipende slijtage) je energie, herstel en gezondheid beïnvloedt, vaak zonder dat je het meteen doorhebt. En ja, daar zit een verrassend praktisch haakje aan.

Bronnen

  • Chao, A. M., Jastreboff, A. M., White, M. A., Grilo, C. M., & Sinha, R. (2017). Stress, cortisol, and other appetite-related hormones. Current Opinion in Endocrinology, Diabetes and Obesity. (PMC)

  • Kuckuck, S., et al. (2023). Glucocorticoids, stress and eating: The mediating role of appetite-regulating hormones. Obesity Reviews. (research.rug.nl)

  • Baik, J. H. (2020). Stress and the dopaminergic reward system. Experimental & Molecular Medicine. (Nature)

  • Alonso-Alonso, M., Woods, S. C., Pelchat, M., et al. (2015). Food reward system: current perspectives and future research needs. Nutrition Reviews. (OUP Academic)

  • Aldridge-Gerry, A. A., Roesch, S. C., Villodas, F., McCabe, C., Leung, Q. K., & Da Costa, M. (2011). Daily stress and alcohol consumption: Modeling between-person and within-person associations. Psychology of Addictive Behaviors. (PMC)

  • D’Aquino, S., et al. (2024). Drinking to cope as a mediator of the relationship between stress and alcohol consumption over time. Drugs: Education, Prevention and Policy. (Taylor & Francis Online)

  • De Macedo, I. C., et al. (2016). The influence of palatable diets in reward system activation: A mini review. Frontiers in Neuroscience. (PMC)